N
og geen twee maanden na onze reis door Zweeds Lapland staan we alweer op Schiphol. Dit keer op weg naar IJsland. Het voelt bijna onwerkelijk dat deze prachtige bestemming nu wordt toegevoegd aan het Talisman-portfolio. Wat een avontuur, en wat een mooie uitdaging ligt er voor ons.
Na een comfortabele vlucht met Icelandair, die dagelijks rechtstreeks vanuit Amsterdam en Brussel naar IJsland vliegt, verschijnt onder ons een buitenaards landschap. In slechts drieënhalf uur sta je in een compleet andere wereld.
IJsland telt ruim 140 vulkanen, waarvan er ongeveer 30 actief zijn. Samen met de vele gletsjers en de twee botsende aardplaten zorgt dat voor een unieke en spectaculaire natuur. We zijn nog niet eens geland, maar één ding is nu al duidelijk: IJsland is met geen ander land te vergelijken.
Het ruige en onbekende noorden
Tijdens deze reis verblijven we een week in het zuiden van IJsland. Die dagen reizen we samen met de CEO van onze lokale partner, wat eigenlijk perfect is. Op die manier leren we niet alleen het land, maar ook elkaar goed kennen. Een optimale start van onze samenwerking.
Voorafgaand aan deze week hebben we onze reis op eigen gelegenheid verlengd met een verblijf in het noorden. Dit gebied is enorm waardevol om te ontdekken vanwege het ruige en nog relatief onbekende karakter. Bovendien bevindt zich hier één van de meest exclusieve lodges van IJsland. Die mogen we natuurlijk niet missen, dus: op naar het noorden!
Met een klein vliegtuigje vertrekken we vanaf de binnenlandse luchthaven van Reykjavik naar Akureyri. Een vlucht van slechts drie kwartier, terwijl dezelfde route met de auto bijna een hele dag duurt. In IJsland is er namelijk maar één hoofdweg: de Ring Road, die helemaal rondom het eiland loopt. Ontzettend gaaf voor een roadtrip met een huurauto, vooral als je voldoende dagen hebt om te reizen.
We waren voorbereid op winterse omstandigheden in het noorden, en die verwachting blijkt te kloppen. Gelukkig hebben we inmiddels genoeg rijervaring opgedaan in Lapland, dus met vertrouwen trotseren we het IJslandse winterweer.
Onze rit gaat noordwaarts naar Húsavík, één van de beste plekken ter wereld om walvissen te zien en onderdeel van de Diamond Circle. Bij aankomst blijkt helaas dat alle afvaarten vanwege het slechte weer zijn geannuleerd.
Na een kop koffie in een kneuterig cafeetje wint onze wens om alles uit deze reis te halen het toch van de logica. We rijden via Akureyri naar Hauganes, aan de andere kant van het fjord. Dankzij de luwte wordt daar wél uitgevaren. Het kost ons flink wat extra reisuren, maar zodra we meerdere keren een walvis spotten, is dat het dubbel en dwars waard.
Onderweg naar Fosshotel Mývatn stoppen we nog bij Goðafoss, een immense waterval die ook wel de waterval van de goden wordt genoemd. Wat een dag. We zijn nog maar net onderweg, maar door alle indrukken voelt het alsof we al veel langer op reis zijn.
Lake Mývatn & de Arctic Coast Way
We staan vroeg op, want vandaag wacht ons een lange rit. Voor ons bezoek aan Deplar Farm, één van de meest exclusieve lodges van IJsland, willen we nog zoveel mogelijk zien van de omgeving rond Lake Mývatn. Fosshotel Mývatn ligt direct aan het meer en is hiervoor een perfecte uitvalsbasis. Vanuit het hotel rijd je eenvoudig verder over de Diamond Circle, langs verschillende bezienswaardigheden in de regio.
Wij hebben maar twee uur de tijd, maar normaal gesproken zouden we adviseren hier zeker een volledige dag voor uit te trekken. Het landschap is buitenaards mooi: rokende grond, borrelende modderpoelen, kraters en bizarre rotsformaties wisselen elkaar af. Op meerdere plekken kun je mooie wandelingen maken en ook het bezoekerscentrum is een korte stop waard.
Daarna moeten we echt kilometers gaan maken richting Siglufjörður. Onderweg blijven we ons verbazen over het weer, dat letterlijk om de tien minuten verandert. Sneeuw, regen, wind, zon, blauwe lucht en dichte mist: alles komt voorbij. We rijden een deel van de Arctic Coast Way en de omgeving maakt diepe indruk. De ruige kustlijn, de uitgestrekte oceaan, de bergen en het winterse weer voelen bijna overweldigend. Vanaf dit noordelijke punt van IJsland is het bovendien een bijzondere gedachte dat het eerstvolgende land aan de overkant van de oceaan Groenland is.
Wanneer de weg bijna niet meer te onderscheiden is van de witte omgeving, zien we Deplar Farm liggen. We zijn er. De ontvangst is warm en de plek is werkelijk uniek. Alles is tot in detail georganiseerd en de sfeer is exclusief, maar tegelijk huiselijk. Geen twijfel mogelijk: deze lodge past perfect in het Talisman-portfolio. Wij reizen tijdens het heli-skiingseizoen en veel gasten verblijven hier om die reden. De lodge beschikt over eigen helikopters en er zijn meerdere routes mogelijk.
Na een heerlijke lunch en een rondleiding stappen we weer in de auto. Op de terugweg naar Siglo Hotel is de lucht ineens helderblauw. We rijden opnieuw door de smalle single-lane tunnels die we op de heenweg ook passeerden. Spannend, zeker met tegenliggers, maar inmiddels weten we hoe het werkt. Siglo Hotel ligt, vergeleken met de verlaten landschappen die we eerder zagen, in een levendig plaatsje. Naar IJslandse begrippen dan. Het is een knus hotel en minder exclusief dan Deplar Farm, maar wel het enige alternatief in deze regio dat bij Talisman past. De kamers zijn verzorgd, de service is goed en we dineren er uitstekend. Dit deel van IJsland is zó bijzonder en de moeite waard, dat ook Siglo Hotel wat ons betreft een plek verdient in ons aanbod.
Accommodaties uit deze blog